1
Verwarm de oven voor op 200°C. Snijd de butternut in 2 en vervolgens in dikke plakken van 1,5 cm. Smeer ze in met olijfolie, kruid met zout en schuif 30 min. in de oven. Houd apart.
2
Verlaag de oventemperatuur tot 80°C. Kruid de côte à l’os met zout en peper. Leg het vlees in een grote ovenschaal en verdeel er de hele, geschilde krieltjes en sjalotjes rond. Bestrooi met tijm en bak de côte à l’os gedurende 2 u in de oven, tot de kerntemperatuur 50°C bedraagt (maar nooit méér) als je je vlees liefst saignant eet. Beperk de kerntemperatuur tot 45°C als het vlees ‘bleue’ mag zijn.
3
Dep het vlees goed droog, smeer het in met een scheutje olie en bak het 2 min. aan elke kant op de barbecue (of op een hete grill) om een mooie korst te vormen. Leg het vlees op een plank, bedek het met aluminiumfolie en laat het 5 min. rusten. (Niet langer, het heeft immers al op lage temperatuur gebakken).
4
Warm de butternutplakjes intussen op en maak de saus. Rasp de gember grof en pers met de vingers het sap uit de pulp, boven een kom. Voeg de sojasaus toe, de balsamicoazijn, het sap van de halve citroen, zout en peper. Snijd de sjalotjes in 2.
5
Snijd de côte à l’os in sneetjes van ½ centimeter, loodrecht op de richting van de vezels (600 g netto). Dresseer ze op borden met de butternut, de krieltjes en de sjalotjes. Verdeel er rucola over, werk af met parmigianoschilfers en besprenkel met een beetje saus.
6
Tip: Gebruik de rest van het vlees de volgende dag om durums of gebakken noedels te maken. Je kunt dit recept ook met een restje côte à l’os van de dag voordien maken. Verwarm het vlees in dit geval lichtjes in de oven, op 65°C.
1
Verwarm de oven voor op 200°C. Snijd de butternut in 2 en vervolgens in dikke plakken van 1,5 cm. Smeer ze in met olijfolie, kruid met zout en schuif 30 min. in de oven. Houd apart.
2
Verlaag de oventemperatuur tot 80°C. Kruid de côte à l’os met zout en peper. Leg het vlees in een grote ovenschaal en verdeel er de hele, geschilde krieltjes en sjalotjes rond. Bestrooi met tijm en bak de côte à l’os gedurende 2 u in de oven, tot de kerntemperatuur 50°C bedraagt (maar nooit méér) als je je vlees liefst saignant eet. Beperk de kerntemperatuur tot 45°C als het vlees ‘bleue’ mag zijn.
3
Dep het vlees goed droog, smeer het in met een scheutje olie en bak het 2 min. aan elke kant op de barbecue (of op een hete grill) om een mooie korst te vormen. Leg het vlees op een plank, bedek het met aluminiumfolie en laat het 5 min. rusten. (Niet langer, het heeft immers al op lage temperatuur gebakken).
4
Warm de butternutplakjes intussen op en maak de saus. Rasp de gember grof en pers met de vingers het sap uit de pulp, boven een kom. Voeg de sojasaus toe, de balsamicoazijn, het sap van de halve citroen, zout en peper. Snijd de sjalotjes in 2.
5
Snijd de côte à l’os in sneetjes van ½ centimeter, loodrecht op de richting van de vezels (600 g netto). Dresseer ze op borden met de butternut, de krieltjes en de sjalotjes. Verdeel er rucola over, werk af met parmigianoschilfers en besprenkel met een beetje saus.
6
Tip: Gebruik de rest van het vlees de volgende dag om durums of gebakken noedels te maken. Je kunt dit recept ook met een restje côte à l’os van de dag voordien maken. Verwarm het vlees in dit geval lichtjes in de oven, op 65°C.