|
 |

De geschiedenis van het bier blijkt terug te
gaan tot lang vervlogen tijden. De oudste bronnen dateren van bijna
achtduizend jaar voor Christus. Ze werden gevonden in een dorp van
Sumerië, gelegen tussen de Tigris en de Eufraat. Men heeft
er bewijzen van de teelt van gerst en tarwe ontdekt en sporen van
ovens en molenstenen. Kortom, van al het nodige voor de fabricage
van een gerstewijn, ginder sikaru genoemd. De steen met de bekende
code van Hammoerabi (tweeduizend jaar voor Christus) omschrijft
bier niet alleen als een drank, maar ook als een geneesmiddel en
een betalingsmiddel in natura. Het oudste recept is in hiërogliefen
gegraveerd op steen en wordt zorgvuldig bewaard in het Metropolitan
Museum te New York.
Men
vindt sporen van gerstewijn in Egypte, van korma en zythum in Kreta
en in het Oude Griekenland en natuurlijk bij het Gallische volk.
Plinius de Oude schrijft dat dit volk "meestal en van oudsher
gerstewijn drinkt". De Galliërs dronken veel gerstenat
of kerbesia. Dit woord klinkt nog door in het Franse cervoise (Frans
voor gerstenat), een woord van Gallische oorsprong, afgeleid van
het Latijnse cervisia of gerstewijn. Wellicht hebben de Galliërs
de houten tonnen bedacht als vervanging voor kruiken en potten van
aardewerk. De fabricage van bier gebeurde eerst thuis. Geleidelijk
werden brouwtechnieken ingevoerd, op punt gesteld door de paterbrouwers
van abdijen. Bier brouwen werd ambachtelijk vanaf de 12e eeuw, toen
de teelt van hop (goed voor de bewaring van het brouwsel) werd verspreid.
De fabricage en het verbruik van bier ontwikkelden
zich in Europa wellicht om hygiënische redenen: het water dat
werd gebruikt voor voedingsdoeleinden, moest worden gekookt. Maar
de brouwindustrie kende een echte bloei in de 16e eeuw. Machtige
gilden werden opgericht en elke stad of elk dorp brouwde zijn eigen
bier. De verscheidenheid was enorm. Iedereen had zijn recept en
zijn fabricagegeheim. Gist, mout, enkele kruiden, fruit, fermentatietemperatuur,
de rijpingstijd… In zoverre dat ons land in het begin van
de 20e eeuw meer dan drieduizend tweehonderd brouwerijen en…
achttienduizend biersoorten telde. Momenteel telt België, ondanks
de fusies en de lokale en internationale overnames, nog altijd bijna
honderdtwintig brouwerijen en vierhonderd soorten bier.
Water, gerst en hop
Bier
is een van de meest natuurlijke dranken. Om te beginnen is er graan,
namelijk gerst. Gerst wordt vergist tot mout, dat in de ast wordt
gedroogd om het te bewaren. Die eerste fase zorgt al voor een basisonderscheid
tussen de soorten bier. Licht gekleurde mout wordt gebruikt voor
de fabricage van pils of van blond bier. Iets donkerdere mout zal
amberbieren geven, terwijl sterk gebrande mout rijke, bruine bieren
oplevert. Maar we komen even terug op het fabricageprocédé.
De gemalen (of geschrote) mout wordt met warm water gemengd tot
beslag. Dan wordt de zoete moutstroop gefilterd. De niet-opgeloste,
vaste delen leveren een geprezen veevoeder: draf of bostel. Het
vloeibare gedeelte is de wort, waaraan hop en een specifiek gist
voor de biersoort worden toegevoegd. Hop zorgt voor het aroma en
de dorstlessende, bittere smaak van het bier.
Het mengsel dat wordt verkregen, wordt opnieuw
gekookt en zo gesteriliseerd. Tijdens het koken worden de suikers
omgezet door de enzymen van de malt. Wanneer de mout afgekoeld is,
gaat hij weer in de grote gistkuipen. Hier verandert een deel van
de suikers van de mout enerzijds in alcohol en anderzijds in CO2.
De kuipen zijn doorgaans van roestvrij staal en uitgerust met een
temperatuurregeling.
Lage en hoge gisting
Er bestaan twee soorten gisting: de lage en de
hoge gisting. Ze komen tot stand door verschillende soorten gist.
Aangezien elke soort tientallen variëteiten kent, hoeft het
geen betoog dat het ene bier het andere niet is! Bij lage gisting
zinkt de gist naar de bodem van de kuipen op het einde van hun werkingsproces,
dat traag is verlopen (een week) bij een lage temperatuur (8°C).
De gist van hoge gisting heeft de neiging aan de oppervlakte van
de kuipen te blijven na het ontwikkelingsproces, dat sneller is
verlopen (ongeveer vijf dagen) en bij een hogere temperatuur (20°C).
Bij de bieren met lage gisting rekent men pilssoorten,
tafelbieren, alcoholvrije bieren en alle andere dorstlessende bieren.
Bij de bieren met hoge gisting behoren trappisten, abdijbieren,
witbieren, speciale bieren, amberbieren, ales, stouts, zure bieren
...
Botteling en gisting in de fles
Om een spontane hergisting (oxydatie) te vermijden
na het bottelen van lichte bieren zoals pils, voert men een thermische
behandeling uit, een soort pasteurisatie. Andere biersoorten, zoals
de meeste abdijbieren, trappisten en alle degustatiebieren, krijgen
net voor ze worden gebotteld een extra toevoer van gist, waardoor
de gisting op fles wordt in gang gezet. Deze gist laat een licht
bezinksel na op de bodem van de fles: droesem. Dan worden de flessen
ongeveer veertien dagen bewaard in rijpingskamers op 20° tot
25°C, voor ze op de markt komen.
Gisting op fles biedt het voordeel dat het zuurstofoverschot wordt
verbruikt. De houdbaarheid van het bier verhoogt, het bier krijgt
een meer stabiele, uitgesproken smaak en typischere aroma’s,
een hoger alcoholgehalte en op de koop toe, schuimt het romig en
overvloedig.
De verschillende soorten bier
Men onderscheidt drie grote biersoorten naargelang
krijgt de alcoholgraad, het soort gisting en de fabricage: dorstlessende
bieren, speciale bieren en degustatiebieren.
Dorstlessende bieren
Dit
zijn, zoals de naam het zegt, bieren die men drinkt als verfrissing.
Ze hebben een laag alcoholgehalte (minder dan 5°C), ze worden
heel fris gedronken en zijn het resultaat van lage gisting. Tot
deze categorie behoren de alcoholvrije bieren (minder dan 0,5%),
de tafelbieren (1,5% alcoholvolume), de nieuwe trendy en internationale
bieren, waaronder de halsflessen (zoals Corona), en natuurlijk onze
pils (5% alcoholvolume). Pils is oorspronkelijk ontstaan in het
midden van de 19e eeuw in de Tsjechische stad Pilsen, vandaar de
naam. Vandaag de dag is het de generieke naam voor een bepaalde
soort blond bier dat bijzonder licht verteerbaar en verfrissend
is.
Speciale bieren
Witbieren, amberbieren, fruitbieren, lambiekbieren
en geuzebieren zijn speciale bieren van hoge of spontane gisting
met een alcoholvolume dat schommelt tussen 4 en 5%. Ze zijn verfrissend,
drinken gemakkelijk en bieden dat tikkeltje meer tegenover gewone
bieren.
Witbier heeft onlangs zijn oude plaats teruggevonden.
Het bier is licht troebel en onderscheidt zich van zijn collega’s
door het feit dat het gemaakt wordt met een brouwsel van half mout
en half tarwe, vandaar de enigszins bittere smaak. Maar dat is niet
alles, witbier heeft kruiden nodig. Meer bepaald vers gemalen koriander,
dat het een frisse, zelfs citroenachtige noot verschaft, en schillen
van bittere sinaasappelen van curaçao. Het vraagt echter
weinig hop (driemaal minder dan een pils). De natuurlijke troebelheid
wordt niet ontnomen tijdens het brouwen, aangezien het beslag, bij
wijze van uitzondering, niet wordt gekookt.
Amberbieren
zijn ales, gefabriceerd op basis van een iets meer gekleurde mout.
Lambiek, een tarwebier, verschijnt voor het eerst in de gemeenteboekhouding
van 1559 van de stad Halle. Het heeft de vervormde naam van de stad
Lembeek, die afhing van Halle. Er staat in dat dit bier gebrouwen
kan worden met een verhouding van zes maten tarwe en tien maten
gerst. Er wordt overjarige hop aan toegevoegd en men laat het gisten
in open lucht. Lambiek kan alleen in Brussel en in de hele Zennevallei
worden gefabriceerd! Daar kan het gisten in grote houten kuipen
door een bacterie die heel eigen is aan deze omgeving. Lambiek wordt
gemaakt door oude en jongere lambiek te mengen. Het wordt gebruikt
voor de aanmaak van fruitbieren: kriek, door toevoeging van morellen
(krieken van Brusselse origine) en kriekensap - frambozenbier, door
toevoeging van frambozen. Gezien de huidige vraag naar zoetere smaken,
voegt men ook suiker toe aan deze fruitbieren.
Geuze, een logisch gevolg van lambiek en ook
een typisch Brussels bier, wordt gemaakt op basis van mengelingen
van meerdere lambiekbieren en suiker.
Het wordt soms de champagne van de bieren genoemd omwille van de
fabricagemethode en de druk, veroorzaakt door de gisting. Het is
ongetwijfeld daarom dat geuze in dezelfde flessen wordt gedaan als
... champagne!
Degustatiebieren
Bieren van hoge gisting en met een alcoholvolume
dat tot 10% kan bedragen, zijn bieren die men traag drinkt om het
aroma en de volheid ervan te proeven. Een mooi voorbeeld zijn de
trappisten, die uitsluitend in België worden geproduceerd.
Het is zeker dat de hele wereld ons hiervoor benijdt. Er is een
verschil tussen trappistenbieren en abdijbieren. De eerste worden
volledig gefabriceerd, beheerd en verkocht door de trappistenmonniken
van de orde van de cisterciënzers. Er zijn er zes: Chimay,
Orval, Rochefort, Westmalle, Westvleteren en Achel (*).
De
abdijbieren onderscheiden zich door het feit dat ze de naam mogen
dragen van een abdij die vroeger (of nog steeds) bier produceerde.
Ze maken gebruik van de recepten, terwijl ze uitgebaat worden door
leken. Een deel van de royalties gaan echter naar de monnikengemeenschappen.
Abdijbieren zijn ook typisch Belgisch. Ze zijn talrijk en uiterst
gevarieerd: Leffe, Grimbergen, Floreffe, Affligem, Maredsous...
Florival is een abdijbier van het merk Delhaize dat gefabriceerd
wordt in Opwijk door de brouwerij
Affligem.
In de categorie degustatiebieren vindt men ook
nog Britse en Ierse bieren van het type ale en scotch (Gordon, Campbell,
Guinness), die sinds enkele jaren ook blonde versies kennen…
zoals de Belgische Duvel en de Angel.
Knowhow als meerwaarde!
U leest het, er zijn heel wat recepten van bieren,
maar het verschil zal altijd schuilen in de kunst en de knowhow
van de meesterbrouwer. Hij heeft het echte fabricagegeheim van een
lekker bier in handen. Gezondheid!
(*) Achel wordt door Delhaize "De Leeuw"
in exclusiviteit verkocht voor de grootdistributie!
De bieren in uw supermarkt
In
het land van het bier zag Delhaize "De Leeuw" zich verplicht
een heel ruim assortiment aan te bieden van merkbieren en bieren
onder haar eigen merk ... Concreet betekent dit dat er een eigen
biermerk bestaat in alle categorieën: een blond en een bruin
tafelbier, een alcoholvrij bier (Panaché/Shandy), een Premium
pils zonder toegevoegde maïs, een witbier, een Brabants amberbier,
een kriek lambiek en een framboos lambiek, een pittige blonde Angel
en vier abdijbieren van Florival: blond, bruin, triple en Winter.
Neem uw tijd om onze exclusiviteiten te smaken:
trappist Achel (blond en bruin), het bier van de abdij van Ramée
(blond en bruin), de geuzebieren en fruitbieren Timmermans Tradition
kriek, geuze en Lambicus, het enige witbier op basis van lambiek.
|